30-03-07

Hoe de wielrenner de windrichting bepaalt

Wielrenners snuiten constant hun neus. Ze gebruiken daarvoor geen zakdoek, maar laten de overbodige inhoud van het reukorgaan door krachtig uitblazen vrijelijk de neusholte verlaten. Misschien vindt u dat niet hygiënisch, ja zelfs een beetje vies, om niet te zeggen ronduit smerig. Maar toch. Oordeel niet te snel. Dit snuiten zonder doekje van de renner heeft een praktische en zeer nuttige bedoeling. Aan de hand van het traject van het verstoten neusvocht, bepaalt de renner, meer bepaald de knecht, de richting van de wind. Aan de hand van enkele simpele vuistregels, weet die knecht vervolgens wat hem te doen staat. Ik som ze even op:

 

1) Het neusvocht weigert het aangezicht te verlaten:
De renner heeft tegenwind. Voor de knecht het signaal om meteen de kopman uit de wind te zetten. Door de opstuwing van de tegenwind vanaf de kin via de neus richting voorhoofd,rijdt hij zich vervolgens letterlijk het snot voor de ogen. Zo weet u meteen waar deze uitdrukking vandaan komt.

 

2) Het neusvocht verlaat het reukorgaan maar blijft in hetzelfde bewegingsvlak als de renner om vervolgens:

2.1) ofwel meteen te belanden op de borst of buik van de renner: de renner heeft een beetje meewind. De kopman uit de wind zetten is voor de knecht geen prioriteit meer. Het ophalen van drinkbussen krijgt voorrang.
2.2) ofwel een fractie later te belanden op het lichaam van de renner, ergens tussen buik en knieën: hij heeft vrij veel meewind. Het is de knecht toegestaan een babbeltje te slaan met de andere renners.
2.3) ofwel luttele ogenblikken later te belanden op het lichaam van de renner, ergens tussen knieën en voeten: hij heeft flinke meewind. Hét moment voor de knecht om zelf eens mee te gaan in een lange ontsnapping en zijn eigen kans te gaan.
2.4) ofwel  pas enkele seconden later te landen op het wegdek voor de renner uit: hij heeft een flinke stormwind in de rug. De knecht houdt zich ter beschikking om, indien nodig, de kopman te bevrijden van onder het omgewaaide spandoek dat de laatste 15 kilometer aanduidt.

3. Het neusvocht verlaat het reukorgaan en wijkt naar rechts af ten opzichte van het bewegingsvlak van de renner:

De wind komt van links. Raakt het verwijderde neusvocht een andere renner, wiens voorwiel niet voorbij de as van het voorwiel van de snuitende renner komt, dan duidt dat op wind die schuin links op kop staat en dient de snuitende knecht zich onmiddellijk naar de linkerzijde van de weg te begeven om een waaier te vormen. Bijkomend voordeel: van zodra de waaier is gevormd, belandt het verwijderde neusvocht netjes op het wegdek in plaats van op de tegenstander.

 

4. Het neusvocht verlaat het reukorgaan en wijkt naar links af ten opzichte van het bewegingsvlak van de renner:
Vervang in vuistregel 3 overal "links" door "rechts" en omgekeerd.

 

Schematische voorstelling van situatie 3:

waaier

De paarse lijntjes zijn renners. Op een bepaald moment ontdoet renner 1 zich van het overtollige neusvocht. De groene pijl is het effectieve traject van het vocht, bepaald door de voorwaartse snelheid van de renner, de windriching en -kracht (rode pijl) en de zwaartekracht.
We gaan er van uit dat Renner 2 even snel rijdt als Renner 1. Van zodra de paarse lijn van Renner 2 op het moment van de vochtverwijdering de denkbeeldige rode lijn van de wind kruist, is een botsing met het vocht onvermijdelijk. Het contact vindt uiteraard plaats zodra Renner 2 het pad van het groene lijntje kruist (rood omcirkeld). Het gevloek dat daarop volgt, is het sein voor Renner 1 (en alle volgende renners) om een waaier te gaan vormen.

12:40 Gepost door Gert in Algemeen | Permalink | Commentaren (4) | Tags: sport, onzin |  Facebook |

Commentaren

niet simpel maar een fijne wetenschappelijke uiteenzetting. Ik hoop spoedig meer duiding te krijgen inzake punt 3 (ik bel nog wel eens :) ).
Loper zijnde, achtte ik het nut van overtollig snot beperkt tot een soort wegwijzer voor de achterblijvers in lange duurlopen. Bij 't zwemmen denk ik er liever niet aan, maar ziet, bij 't fietsen heeft het zijn nut.

PS: zit nu ook in een roeiclub, jawel, nog voor jouw lofzang waarvoor ik u nog steeds dankbaar ben. :)

Joachim

Gepost door: joachim | 02-04-07

niet simpel maar een fijne wetenschappelijke uiteenzetting. Ik hoop spoedig meer duiding te krijgen inzake punt 3 (ik bel nog wel eens :) ).
Loper zijnde, achtte ik het nut van overtollig snot beperkt tot een soort wegwijzer voor de achterblijvers in lange duurlopen. Bij 't zwemmen denk ik er liever niet aan, maar ziet, bij 't fietsen heeft het zijn nut.

PS: zit nu ook in een roeiclub, jawel, nog voor jouw lofzang waarvoor ik u nog steeds dankbaar ben. :)

Gepost door: joachim | 02-04-07

Roeien daarentegen Roeien daarentegen is wel simpel. Citaat uit de vakliteratuur ("Roeien" door Verhulst G. en Samson, uitgeverij Studio 100): "Roeien, roeien, trek aan de riemen dan ga je vooruit."
(hoewel, nu ik er over nadenk: volgens mij ga je achteruit als je aan de riemen trekt?)
Veel succes met de nieuwe hobby!

Gepost door: Gert | 03-04-07

Mooie uitéénzetting maar als leek in waaiertjes rijden blijft bijzonder gevaarlijk. Maar voor wie het kan blijft het adembenemend om rond te draaien in een waaier.

Gepost door: Bert | 30-04-07

De commentaren zijn gesloten.